feb 032013
 
 3 februari 2013  No Responses »
Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on Google+Pin on PinterestShare on LinkedInShare on Tumblr

In het kader van de Superbowl, heb ik voor Pulled Pork gekozen. Deze keer een blog met medewerking van mijn man, die een tijd geleden door zijn collega is aangestoken om indirect te gaan grillen. En wat ging er een wereld voor ons open ! Eerst maar eens een goede bbq kopen. Dat werd een OTP 67. Daarna speuren naar recepten op het internet. Na eerst kipdrumsticks en spareribs te hebben geprobeerd, vonden we het tijd worden voor pulled pork. Ik denk dat we pulled pork nu zo’n 4 keer hebben klaargemaakt. Alle keren smaakte het prima. De bereidingswijze die mijn man hieronder heeft beschreven vond hij de beste tot nu toe.

We hebben een mooie onderverdeling gemaakt. Ik zorg voor de marinades en de rubs. Mijn man gaat over het barbecueën.

Bereidingstijd: 11-14 uren.

pulledpork

Ingredienten:
1,5 kilo procureur (vers van de slager of van de groothandel)
BBQ Rub   ( De rub heb ik de dag voor het bbqen in de procureur gewreven).

Bereidingswijze:
Voor het grillen van de procureur maak ik gebruik van een kogelbarbecue.
Voordat begonnen kan worden met barbecueën moet eerst een en ander voorbereid worden.
Als eerste haal ik het vlees uit de koelkast, zodat deze langzaam op temperatuur kan komen. Dan ga ik de briketten aansteken. Dit doe ik in een kolenstarter die ik op de kop zet, zodat ik een kleine hoeveelheid briketten makkelijk aan kan steken. Ik plaats hier een aanmaakblokje in en daarop leg ik de 6 briketten. Nadat ik hem aangestoken heb, kan ik die een half uur zijn gang laten gaan.
Nu ga ik de barbecue zelf voorbereiden. Aan 1 kant heb ik een kolenrooster geplaatst, zodat ik in een klein gedeelte maar kolen kwijt kan. Deze kant vul ik helemaal met koude briketten. Hiertussen leg ik een paar stukjes rookhout. De kant waar geen kolen liggen ga ik bedekken met aluminiumfolie. Door hier folie neer te leggen, wordt alle lucht die door de ventilatiegaten gaat, door de briketten geleid. Op het aluminium folie zet ik een waterbak (ik gebruik hier een braadslee voor). Vlak voordat het vlees op de barbecue gaat, vul ik deze waterbak met kokend water. Dit water zorgt ervoor dat de temperatuur stabieler blijft. Ik gebruik kokend water zodat de warmte van mijn vuur niet hoeft gebruikt te worden om het water op te warmen.
Na een half uur zijn de briketten in de kolenstarter bedekt met een grijze laag en klaar voor gebruik. De hete kolen gooi ik alle zes aan 1 kant bij de koude briketten. Op deze manier zal mijn vuur van de ene kant naar de andere kant van de barbecue lopen en staan niet alle briketten in één keer aan. Hierdoor kan ik aanzienlijk langer barbecueën, zonder bij te hoeven vullen en ik heb de temperatuur veel beter onder controle. Zouden alle briketten tegelijk branden, zou het veel te heet worden in de barbecue.
Nu gaat het deksel op de barbecue en wachten we tot de temperatuur in de barbecue rond de 110 graden Celsius is. Wanneer de temperatuur hoog genoeg is, gaat het kokende water in de waterbak, het rooster op de barbecue en het vlees tegenover de brandende briketten op het rooster. Het deksel gaat op de barbecue en de ventilatiegaten staan zo ver mogelijk van het vuur af, zodat de warmte en rookgassen langs het vlees moeten voordat ze naar buiten kunnen.
Als het vlees een interne temperatuur heeft van rond de 60 graden celcius (een vleesthermometer is wel nodig), haal ik het van de barbecue en pak ik het in 2 lagen aluminiumfolie. Hierdoor blijven de vleessappen in het vlees, waardoor het super mals wordt. Daarna gaat het vlees weer op de barbecue, waar het blijft liggen tot 88 graden celcius. Het vlees kan nu van de barbecue af en moet een uur rusten in de aluminiumfolie, zodat de teruggetrokken vleessappen weer naar de oppervlakte kunnen komen. Na een uur mag het vlees met 2 vorken uitelkaar getrokken worden. Een heerlijke pulled pork is ontstaan.

Lekker op een bolletje met zelfgemaakte bbq saus en coleslaw

jan 272013
 
 27 januari 2013  No Responses »
Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on Google+Pin on PinterestShare on LinkedInShare on Tumblr

Daar istie dan, het eerste nagerecht op dit blog. Een crumble. Heerlijk als hij net uit de oven is. Nog heerlijker als het buiten -10 is, en er veel sneeuw ligt.

Crumblemango

Ingrediënten
1 ananas, 40 gr boter, 3 bananen, 2 mango’s, 1 vanillestokje (alleen het merg), 4 eetlepels suiker, 2 eetlepels rum

Voor het deeg
125 gr bloem, 125 gr koude boter (in stukjes), 125 gr rietsuiker, 80 gr kokos (geraspt)

Bereidingswijze
Verwarm de oven voor tot 180 graden Celsius. Vet een ovenschaal in met boter en bestrooi hem met 1 eetlepel suiker. Schil de ananas, verwijder de harde kern en de oogjes en snijd het vruchtvlees in blokjes. Smelt de boter in een grote koekenpan en bak hierin de stukjes ananas op middelhoog vuur. Pel de bananen en schil de mango’s. Snijd de bananen in niet al te dunne plakjes en het vruchtvlees van de mango’s in stukjes. Schep de stukjes banaan en mango in de pan met de stukjes ananas. Voeg het uitgeschraapte vanillemerg en de suiker toe. Schenk er een half glas water bij en laat dit verdampen.

Strooi voor het deeg de bloem in een mengkom. Voeg de stukjes boter, de rietsuiker en het kokos toe. Mix (met deeghaken / in de keukenmachine) tot je een kruimelig deeg hebt.

Schenk de rum over de vruchten, roer even door en schep dit vruchtmengsel in de ovenschaal. Strooi het kruimeldeeg erover en bak de crumble ongeveer 30 minuten in de voorverwarmde oven.

Vervang de rum eventueel door het sap van 4 passievruchten.

Voor 6 personen. Voorbereiding 20 minuten. Bereiding 45 minuten

 

jan 182013
 
 18 januari 2013  No Responses »
Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on Google+Pin on PinterestShare on LinkedInShare on Tumblr

Het leukste gedeelte bij het maken van een quiche vind ik het vullen. Zo ook bij deze paprikaquiche. Wanneer ik hem vul, lijkt het een woestenij, een verwilderd stuk grond. Maar wanneer de quiche uit de oven komt is het als een glooiend landschap met bloeiende heide. We gaan maar snel aan de slag voordat ik nog over koetjes en kalfjes ga praten.

quichecombiv3

Eerst het deeg.

Ingredienten:

250 gram bloem (gezeefd), 125 gram boter (in klontjes), 1 klein ei, 1 eetlepel ijskoud water, 1 snufje zout.  Benodigdheden: quichevorm (Ø24 cm)

 Bereidingswijze:

Meng in een kom de bloem, het zout en de boter met de hand of met een mixer. Voeg daarna ei en water toe en kneed het tot een bal deeg. Dek de kom af met folie en laat het deeg een uur rusten in de koelkast. Haal na een uur het deeg uit de koelkast en rol het deeg uit tot een ronde vorm. Bekleed de binnenkant van een goed ingevette quichevorm met het deeg en prik er met een vork wat gaatjes in. Indien je geen tijd hebt om zelf deeg te maken kun je ook kiezen voor 5 plakjes deeg voor hartige taart.

En vullen maar !

Je staat nu vast te popelen om de quiche te vullen. Voor de paprikaquiche heb je de volgende ingrediënten nodig:

1 pot geroosterde paprika, 1 bekertje crème fraiche (125 ml), 4 eieren, 1 theelepel paprikapoeder, 1 pakje rauwe ham (plakjes, 145 gr), 1 bakje amandelschaafsel (55 gr), snufje peper.

Bereidingswijze:

Verwarm de oven voor op 180 graden. Bekleed de vorm met het deeg. Laat de paprika uitlekken en snijd in reepjes. Pureer de helft met de crème fraiche, eieren, het paprikapoeder en peper. Doe met de ham en de rest van de paprikareepjes in de vorm. Bestrooi met de amandelen. Bak 45 minuten.

Je kunt de quiche 1 dag van tevoren bereiden. Bewaar afgedekt in de koelkast. Verwarm 20 minuten in de oven op 160 graden. Koud ook lekker.

jan 132013
 
 13 januari 2013  No Responses »
Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on Google+Pin on PinterestShare on LinkedInShare on Tumblr

Heerlijk als je de tijd hebt om lekker te koken. Geen gehaast, geen verplichtingen. Lang hoefde ik niet na te denken over wat ik deze keer op tafel zou toveren. Het werd stoofvlees met stoofpeertjes.

sucadestoofpeer

Ingrediënten:

500 gram sucadelappen, 1 eetlepel olijfolie, 1 eetlepel (room)boter, 1 blikje tomatenpuree, 2 dl rode wijn, 150 gram zilveruitjes, zout en peper.

Benodigdheden: Stoofpan

Bereidingswijze:

Bestrooi de sucadelapjes met flink wat zout en peper. Braad de het aan in boter en olijfolie. Voeg de zilveruitjes en tomatenpuree toe en blus af met de rode wijn. Laat het vlees minstens 2 uur stoven op een laag vuur met de deksel op de pan.

Het kan zijn dat er een dikke vetrand aan het sucadelapje zit. Ik snijd dit er altijd af, maar sommigen houden er juist van.  Ik heb het vlees 3 uren gestoofd, en kon het daarna makkelijk uit elkaar trekken. Heerlijk mals.

Lekker met stoofpeertjes en gekookte aardappels.

Naar een recept van Ramon Beuk

 

Stoofpeertjes

Ingredienten:

8 peertjes (ik gebruik gieser wildeman), 750 ml rode wijn, 75 gram suiker, 2 kaneelstokjes, 1 steranijs.

Bereidingswijze:

Schil de peren.  Halveer de peren en werwijder eventueel het klokhuis.
Leg de peren in een pan en schenk de wijn erbij. Zorg dat de peren helemaal bedekt zijn met de wijn. Voeg, indien nodig, extra wijn toe.
Voeg de suiker, steranijs en het kaneelstokje toe en breng tegen de kook.
Draai het vuur laag en stoof de peren in zo’n 2 uur garen.

jan 052013
 
 5 januari 2013  No Responses »
Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on Google+Pin on PinterestShare on LinkedInShare on Tumblr

Dit recept heb ik van het programma ‘Ministry of Food’ van Jamie Oliver. Een makkelijk en snel recept, ideaal als je niet veel tijd hebt om te koken.

Schelpenpasta

Ingredienten:

10 plakjes bacon of pancetta (in kleine stukken), 150 gr Parmezaanse kaas, zeezout, peperkorrels, 400 gram schelpjespasta, klontje boter, 300 gram bevroren doperwten, 2 dessertlepels crème fraich, 1 citroen, scheutje olijfolie.

Bereidingswijze:

Kook de pasta volgens de verpakking. Giet af en zet apart.  Zet een grote koekenpan (of hapjespan) op het vuur met de olijfolie en de boter. Voeg de bacon toe, maal er wat peper over en bak tot de bacon goud kleurt en knapperig is. Voeg dan de bevroren doperwten toe en schud de pan goed. Na een minuut voeg je de crème fraîche toe.

Voeg de pasta aan het bacon-doperwtenmengsel. Halveer de citroen en pers het sap boven de pasta. Roer goed door en verwijder de pan van het vuur. Rasp de geraspte kaas erover en mix het erdoorheen. Serveer het in mooie borden en rasp er nog wat kaas overheen.

dec 292012
 
 29 december 2012  No Responses »
Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on Google+Pin on PinterestShare on LinkedInShare on Tumblr

Na een maandje van rust op deze site, hierbij weer een ovenheerlijk recept. Ikzelf had nog niet eerder van de kaas taleggio gehoord  en had er dus ook nog nooit mee gekookt. Eens moet de eerste keer zijn dacht ik. Voor deze kaas ben ik verschillende supermarkten langs geweest, maar bij geen van deze supermarkten (waaronder AH en Jumbo) kon ik deze kaas vinden. Uiteindelijk ben ik de kaasspeciaalzaak wezen raadplegen, en zij konden me verblijden met een stuk van deze Italiaanse kaas.

Pasta ovenschotel

Ingredienten:

2 eetlepels olijfolie, 20 gr boter, 100 gr pancetta (in stukjes), 1 ui (fijngesneden), 2 tenen knoflook (fijngehakt), 1 eetlepel gehakte tijmblaadjes, 1 eetlepel bloem, 150 ml witte wijn, 125 ml melk, 300 ml slagroom, 150 gr taleggio (korst verwijderd en in blokjes), 150 gr gruyère (geraspt), 2 eetlepels gehakte bladpeterselie, 300 gr lange macaroni, ¼ bloemkool (in roosjes), 2,5 eetlepel fijngeraspte Parmezaanse kaas, 2,5 eetlepel gedroogd broodkruim

Bereidingswijze:

Verwarm de oven voor op 200 graden Celsius. Vet een ovenschaal van 1,5 liter inhoud in. Verhit de olie en boter in een pan op middelhoog vuur. Bak de pancetta en ui al roerend 3-4 minuten tot de pancetta knapperig begint te worden. Voeg de knoflook, tijm en bloem toe en laat al roerend 1 minuut bakken. Voeg de wijn toe en laat 3-4 minuten zachtjes koken tot het vocht tot de helft is ingekookt. Voeg de melk, room , taleggio en gruyère toe en roer 1-2 minuten tot de kazen zijn gesmolten.  Breng op smaak met zout en peper en roer de peterselie erdoor. Kazen

Kook intussen de macaroni volgens de aanwijzingen op de verpakking in kokend water met zout beetgaar, voeg de bloemkool 6 minuten voor het einde van de kooktijd toe en kook mee. Giet af en roer de pasta en bloemkool door de kaassaus. Schep in de ovenschaal en bestrooi met de parmezaan en broodkruim. Bak 20-25 minuten in de oven tot de bovenkant goudbruin is en serveer.

Vers broodkruim: gebruik oud witbrood zonder korst en maal het fijn in de keukenmachine. Laat vers brood eerst goed uitdrogen (1 uur boven de verwarming of 5-10 minuten in een oven op 75 graden Celsius).

Bron: Delicious Magazine 1-2013